Verslag van de SJJI-seminar op 15 april in de dojo van Budocentrum Julianadorp

Vanmiddag om goed 13:00 uur naar de dojo van BCJ gereden in het busje van Peter den Harder. Eerst een lekker bakje koffie gedaan en toen stroomde de kantine langzaam vol met deelnemers en wat familie etc. We gingen de mat op en ik hield een kort inleidend praatje waarna ik het woord over gaf aan Tony van Venrooy van de SJJI. Die hield ook kort een praatje en toen hij zijn woordje deed, telde ik 38 deelnemers die op de mat zaten. Verrassing! Want dat waren elf mensen die nog aan de deur betaalden. Had ik dus nooit verwacht want met 30 man is de mat eigenlijk wel vol, maar goed. Ik stuur ook niemand weg natuurlijk.

Na een uurtje een kleine pauze, want Dirk Klok (voorzitter) van de IMAF Nederland was ook komen kijken en die kreeg uit Japan de achtste Dan SJJI Ju jitsu uit de handen van Tony uitgereikt. Ook leuk om mee te maken. Na een kopje koffie gingen wij nog een klein uurtje door.

Wat mij opviel aan de manier van lesgeven van Tony is vooral de ontspannenheid, de vrolijkheid, het enthousiasme en de humor waarmee hij werkt. Hij houdt, net als ik, niet van lange warming-ups en veel rennen, push-ups, sit-ups etc.

En wat voor mij het allerbelangrijkste was en is, dat is dat hij lesgeeft vanuit een leergang en het meervoudigheidsprincipe. Dat wil zeggen dat je steeds oefent met een en dezelfde aanval, maar steeds iets anders doet om te komen tot een effectieve overname en afmaaktechniek zoals een klem of een verwurging. Tussendoor gebruikmaken van atemi waza (treffen op vitale punten van de tegenstander!) om zijn techniek te vergemakkelijken.

Ook legde hij veel nadruk op het goed kijken naar je tegenstander, zelf in een goede positie blijven en je zwaartepunt laaghouden. De tegenstander uit balans brengen is daarbij belangrijk.

Als laatste punt viel mij op dat hij altijd meerdere mogelijkheden ziet om een techniek te maken. Dus hoe je ook uitkomt, je kunt altijd iets doen! Dat heb ik zelf bij Aikido ook ervaren.

Het allerbelangrijkst bij hem is de basis en de kennis van het menselijk lichaam v.w.b. in welke richting ledematen kunnen bewegen en in welke richting dus juist niet!

Zoals jullie zien, is dat precies wat ikzelf dus ook altijd probeer over te brengen! Hij heeft dus mijn gedachtegang bevestigd en dus ook dat wij met Kokoro op de goede weg zijn.

Hij zei ook dat veel budosporten meer van de andere takken van budo zouden moeten oefenen. Hierdoor wordt je dus allround. Je kunt dan trappen en stoten, gooien en klemmen en verwurgen, vallen en rollen. Je ziet altijd een mogelijkheid om iets te kunnen doen!

Dus mijn tijd bij Jon Bluming (allround fighting) van de IBK waar ik mijn eerste zwarte band, maar ook mijn eerste instructeursdiploma behaalde, heeft mij aardig gevormd. Want ook Kaicho Bluming deed aan Karate, Iaido, Judo en Jodo!

Waarmee ik dus maar zeggen wil dat je je budohorizon moet verbreden en om je heen kijken en ook bij andere leraren in de keuken zou moeten kijken.

Na de les hebben we nog wat nagepraat in de kantine, een kopje koffie gedronken en heb ik bij de bar alle gelden en zo afgehandeld van deze middag en hierna zijn we dan rustig tegen goed vijf uur, naar het Chinese restaurant “Kingsway” gereden en hebben we heerlijk gegeten.

Onder het eten werd ik nog verrast door Tony met het certificaat van Affiliated Seishinkai member Dojo 2018. Welke ik uiteraard in dankbaarheid aanvaard heb. Dit was een heel fijne afsluiting van een zeer geslaagde middag!

Ik heb dan ook besloten om te kijken of wij hier in de toekomst een herhaling aan kunnen geven in de volgende jaren en er zo een Kokoro traditie van te gaan maken. Het wordt dan ook weer op een zondagmiddag halverwege april.

Dat gaan we dus volgend jaar wel weer zien. Ik hoop dat alle deelnemers van Kokoro een leuke en leerzame middag gehad hebben.

We hebben de volgende dojo’s op de mat gehad vandaag: BSC Kokoro uit Julianadorp, Budocentrum Julianadorp, Budowazasport uit de regio, Budokai Texel, Budocentrum Fun&Fit uit Volendam en Karateschool Samurai uit Julianadorp. Zes dojo’s. Niet gek voor een eerste keer, toch?

 

 

Tot volgend jaar!

Paul Jansen